Trifle met zomerfruit
Met deze trifle doe ik mee aan de foodblogswap van mei. Deze maand mocht ik iets maken van het blog van Anneke: Mijn kookavonturen. Zij kookt en bakt het liefst zonder pakjes, zakjes en e-nummers. Op haar blog staan zowel recepten en foto’s van maaltijden als een aantal baksels. Neem eens een kijkje!
Ik koos haar trifle met zomerfruit, waar ik mijn eigen variant op maakte. Anneke maakte hem al verschillende keren, dus hij moest wel lekker zijn. De cake heb ik vervangen door mijn zelfgemaakte chocoladecake en als zomerfruit heb ik frambozen gebruikt. Een heerlijk dessert!
Onderstaand recept is voor 4 personen. Het leuke van dit dessert is, dat je eindeloos kunt variëren. In eenspersoonsporties of in een grote glazen schaal, verschillende soorten cake, kwark of mascarpone in plaats van slagroom, verschillende soorten fruit… mogelijkheden genoeg. Het dessert is ook nog makkelijk voor te bereiden, zodat je tijdens je etentje niet meer aan de slag hoeft.

Ingrediënten:
- 4 plakjes (chocolade) cake
- 4 el sinaasappellikeur
- 250 gr zomerfruit, vers of diepvries (ik koos voor frambozen)
- 250 ml slagroom, geklopt met wat suiker
Bereiding:
Neem een glazen schaal of kom. Maak van twee plakken cake een laagje op de bodem. Besprenkel met twee eetlepels likeur. Verdeel de helft van de slagroom over de cake, gevolgd door de helft van de frambozen. Bedek de frambozen met een laagje cake, besprenkel met likeur. Verdeel de overige slagroom en daarna de frambozen in de schaal. Laat 2 – 3 uur staan in de koelkast, om de smaken goed in te laten trekken.
Bron: Mijn Kookavonturen
Chococake met rode bieten
Het wordt steeds gekker. Na de wortel en courgette zitten er dit keer rode bieten in een baksel verwerkt. Om de vitamientjes wat op peil te houden. Ook dit keer proef je de groenten (gelukkig) niet meer terug. Toch zijn de bieten onmisbaar in deze cake, want ze maken de cake heerlijk zacht en smeuïg. Gebruik voor de cake een cakevorm van ongeveer 30 cm lengte. Je snijdt er ongeveer 20 plakjes van.

Ingrediënten:
- 300 ml olie (bv zonnebloemolie)
- 275 gram bloem
- 375 gram gekookte en geschilde rode bieten (vacuümverpakking)
- 5 eieren
- 3 tl bakpoeder
- 100 gram en 2 tl cacao
- 375 gram suiker
- 1 zakje vanillesuiker (8 gram)
- zout
Bereiding:
Vet het cakeblik in en beleg met een velletje bakpapier. Verwarm de oven voor op 175 graden. Snijd de bieten 2 keer door. Doe ze met de olie in een kom en pureer met een staafmixer. Klop de eieren er één voor één met een handmixer doorheen. Meng de bloem, het bakpoeder, de cacao, de suiker, vanillesuiker en een snuf zout door elkaar. Voeg de rodebietenpuree toe en roer (of klop heel kort) tot een glad beslag. Strijk het glad in de vorm.
Bak de cake 75 minuten (ik heb de cake een half uur langer gebakken) in de oven. De cake moet van binnen nog licht vochtig zijn. Dek eventueel na een uur af met aluminiumfolie, om verbranding te voorkomen. Neem de cake uit de oven en laat in de vorm afkoelen. Stort hem daarna en bestuif met 2 tl cacaopoeder.
Bron: Sweet bakery, deel 2
Hazelnoot-mokka-schuimgebakjes
Eerder maakte ik deze hazelnootschuimtaart. De gebakjes van vandaag lijken erg veel op deze taart. Het komt eigenlijk door mijn moeder dat deze gebakjes op mijn blog staan. Gisteren was het namelijk moederdag en ik zou voor het gebak zorgen. Op de een of andere (onuitgesproken) manier voelde ik aan dat het óf hazelnootschuimtaart, óf een taart met marsepein moest zijn. Twee van haar favouriten. Het werden deze gebakjes. Ik vind ze zelf ook heerlijk, een bijkomend voordeel. En ze had absoluut een lekker gebakje verdiend.
Een tip: als je een keer in Duitsland bent, loop dan een supermarkt (aldi bijvoorbeeld) binnen, en haal daar zakjes hazelnoot, gemalen hazelnoot, doosjes hazelnootkrokant… dat scheelt een hoop werk en geld. Van onderstaande hoeveelheden maakte ik 10 gebakjes. Het is het lekkerst, om de gebakjes zo snel mogelijk op te eten. Het schuim is dan nog knapperig. Je kunt natuurlijk prima de crème en het schuim één of twee dagen van tevoren maken en ze later in elkaar zetten.

Ingrediënten:
Voor de schuimlaagjes:
- 3 eiwitten
- mespuntje zout
- 160 gram fijne basterdsuiker
- 110 gram poedersuiker
- 110 gram hazelnoten, gemalen
Voor de botercrème (totaal 710 gram):
- 400 gram banketbakkersroom
- 80 gram suiker
- 230 gram roomboter
Voor het mokkaextract (totaal 65-70 gram):
- 60 gram warme expressokoffie
- 1 el bruine suiker
- 1 el nescafepoeder
Voor de garnering:
- 200 – 250 gram hazelnoten, geroosterd en grof gebroken, of hazelnootkrokant (dit is royaal, maar dan kan je de gebakjes er makkelijk doorrollen)
- 10 hele hazelnoten
Bereiding:
1. Voor het schuim: Ontvet een kom en gardes. Klop de eiwitten met het zout stijf. Voeg daarna de suiker toe, klop totdat de suiker is opgelost. Spatel de poedersuiker en de gemalen hazelnoten erdoor. Beleg een bakplaat (of twee kleinere) met bakpapier en spuit van het mengsel 30 – 36 rondje schijfjes van 6 cm doorsnede. Laat het 30 minuten rusten. Verwarm de oven voor op 120 graden. Bak de schijfjes 30 – 40 minuten in de voorverwarmde oven. Laat ze afkoelen.
2. Voor de botercrème: klop de boter, totdat deze zacht is. Klop daarna de suiker en de banketbakkersroom erdoor, tot het een egale massa is.
3. Voor het mokkaextract: roer de suiker en de nescafe door de warme koffie, totdat het is opgelost.
4. Meng met de mixer alle botercrème met 50 gram mokkaextract (de rest heb je niet nodig). Spuit op een plakje schuimgebak een laag mokkacrème. Herhaal dit twee keer, zodat je 3 schijfjes per gebakje gebruikt. Smeer ook de zijkanten in met een dun laagje mokkacrème (ik deed dit gewoon met een mes). Rol het gebakje voorzichtig door de hazelnootkrokant, zowel de zijkant als de bovenkant. Maak op deze manier nog 9 gebakjes.
5. Doe de overige mokkacrème in een spuitzak met gekarteld spuitmondje en werk de gebakjes hiermee af. Versier met een hazelnoot. Laat ze in de koelkast goed koud worden.
Karamel – appelcheesecake
Vanmorgen had ik een heel gezellig koffieochtendje met visite. Voor deze geledenheid maakte ik deze cheesecake. De taart komt ook uit het magazine ‘Sweet Bakery’. Het tweede deel alweer; ik vind de recepten en de foto’s erg aansprekend en goed verzorgd. De taart viel goed in de smaak. Zelf zou ik de volgende keer wat dingen veranderen: ik zou de bodem maken van een ander deeg en ik zou wat meer karamel toevoegen. Bijvoorbeeld een extra laagje, voordat je de appels over de taart verdeeld. Maar: de taart smaakte sowieso goed!
Hieronder het recept, zoals ik de taart gebakken heb. Ik gebruikte een springvorm van 18 cm. Als je de ingrediënten verdubbelt, kan je een springvorm van 26 cm doorsnede of een vierkante vorm van 24 x 24 gebruiken.

Ingrediënten:
Voor de bodem:
- 50 gram boter
- 25 gram suiker
- 1,5 eidooier
- 62 gram bloem
- 1/2 tl bakpoeder
- 2,5 el melk
- 1,5 eiwit
- snufje zout
Voor de vulling:
- 250 gram roomkaas
- 100 gram crème fraîche
- 20 gram maïzena
- 25 gram suiker
- 1,5 ei
- 80 gram bebogeen
Voor de topping:
- 37 gram boter
- 25 gram suiker
- 90 gram bloem
- 0,5 ei
- 1,5 appel
- poedersuiker
Bereiding:
Voor de bodem: bekleed de bodem van de vorm met bakpapier en vet de vorm in. Verwarm de oven voor op 175 graden. Klop de boter met de suiker romig met een handmixer. Voeg de eidooiers één voor één toe. Meng de bloem en de bakpoeder, roer dit samen met de melk door het eimengsel. Klop de eiwitten met een snufje zout stijf. Spatel door het mengsel, tot het egaal is. Schenk het beslag in de vorm en strijk glad, bak het 12 minuten in de oven.
Voor de vulling: mix de bebogeen even soepel. Voeg alle overige ingrediënten toe en mix zo kort mogelijk door elkaar. Giet op de taartbodem en bak nog 15 minuten (ik heb 25 minuten gedaan, omdat ik de vulling te zacht vond om de appel erop te leggen).
Voor de topping: snijd de boter in kleine blokjes. Wrijf samen met de suiker, bloem en het ei tussen je vingertoppen tot een kruimelig deeg. Schil de appels en rasp ze. Verdeel de appel over de roomkaaslaag en bestrooi met de deegkruimels. Bak de taart nog 20 – 30 minuten in de oven op dezelfde temperatuur. Laat de taart afkoelen, verwijder de vorm en bestrooi met poedersuiker.
Bron: tijdschrift ‘Sweet Bakery’, deel 2
Expresso-chocofudge
Deze lekkere fudge staat binnen een kwartiertje in de koelkast (waarna je helaas nog minstens 8 uur moet wachten, voordat je ‘m op kunt eten). Je hebt maar vier ingrediënten nodig. Lekker voor bij een kopje koffie, maar ook erg leuk om in een zakje te doen en weg te geven. De smaak is geweldig!

Ingrediënten:
- 1 el koffiebonen
- 200 gram pure chocolade
- 100 gram melkchocolade
- 400 gram gecondenseerde melk
Bereiding:
Bekleed een vierkante bakvorm van ongeveer 15 x 15 cm met bakpapier (ik gebruikte een rechthoekig tupperware doosje, dat kan ook prima!). Laat het bakpapier overhangen, zodat je het er straks makkelijk uit kunt tillen. Doe de bonen in een diepvrieszakje en rol er met een deegroller overheen, tot de bonen grof verkruimeld zijn.
Hak de twee soorten chocolade grof. Doe samen met de gecondenseerde melk in de pan. Verhit op laag vuur, blijf roeren totdat de chocolade helemaal gesmolten is. Vul de vorm hiermee, tot ca. 2 cm hoog en strijk glad. Bestrooi met de verkruimelde koffiebonen. Zet afgedekt minstens 8 uur in de koelkast.
Haal de fudge uit de vorm. Verwijder voorzichtig het papier. Snijd in 50 blokjes van 2 x 2 cm en bewaar ze in een trommel. In de koelkast is de fudge ongeveer 2 weken houdbaar.
Bron: Magazine ‘Sweet Bakery’ deel 2
Oranjegebakjes met een bavarois van appeltjes van oranje en dulche de leche
Afgelopen k(ro)ningsdag hadden we een Amerikaanse barbecue en ik zocht een passend dessert. Ik mijn hoofd zag ik een prachtige koningsbombe op tafel staan met een kroon van chocolade eromheen. In deze bombe waren de kleuren, de vorm en de smaken erg goed gecombineerd. Dulche de leche (een soort karamel) is namelijk een populair dessert in Argentinië. Het vormt een goede combinatie met sinaasappels, de appeltjes van oranje. Tijdens het maken van de bombe is er iets verkeerd gegaan met de gelatine. De bombe zakte als een plumpudding in elkaar. Daarom moest ik razendsnel op zoek naar iets anders. Ik heb besloten de smaak- en kleurcombinatie hetzelfde te houden en daar zijn deze gebakjes uit voortgekomen. En ik denk, afgaand op de reacties en m’n eigen smaak, dat ze minstens net zo lekker waren!
Het recept is voor 18 – 20 gebakjes. Ik heb 10 bakringen, dus bak ze in twee keer. Je kan ze het beste in elkaar zetten, net voordat je ze gaat opeten; dan blijft het deeg lekker krokant.

Ingrediënten:
Voor de zandtaartjes:
- 210 gram roomboter, op kamertemperatuur
- 290 gram bloem
- 105 gram kristalsuiker
- 105 gram lichtbruine basterdsuiker
- 8,5 gram bakpoeder
- 2 gram zout
- 1 gram maagzout (apotheek)
- 5-10 druppels vanille-essence
- 20 gram eidooier
- 250 gram banketbakkersroom
Voor de dulche de leche:
- 1 blikje gecondenseerde melk (ongeveer 400 gram)
Voor de bavarois van appeltjes van oranje:
- 7,5 gram gelatine (ongeveer 5 blaadjes)
- 300 ml slagroom
- 70 gram kristalsuiker
- 35 gram kristalsuiker
- sap van 2 sinaasappels
- sap van 1/2 citoren
Extra:
- decoratie, bijvoorbeeld gouden pareltjes, of partjes mandarijn
Bereiding:
Voor de zandtaartjes: Meng de boter met de bloem, de suiker, de bruine suiker, bakpoeder, zout, maagzout en de vanille-essence. Voeg de eidooier toe en meng tot een mooi, samenhangend deeg. Maak er een blokje van en wikkel in plasticfolie. Laat minstens een half uur rusten in de koelkast. Rol het daarna uit tot 7 mm dikte. Steek met bak/inox-ringen van 7 cm doorsnede rondjes uit het deeg. Plaats ze samen met de ringen op een bakplaat, bekleed met bakpapier. Zet ze minstens 7 cm van elkaar. Verwarm de oven voor op 180 graden.
Vul een spuitzak met de banketbakkersroom en spuit in het midden van het deeg een kleine hoeveelheid. Zorg ervoor dat er tegen de ring een rand van 1 cm vrij blijft. De room zorgt ervoor dat de randen naar boven komen en het midden van het deeg beneden blijft. Zo kan je er straks een vulling inspuiten.
Bak de ringetjes ongeveer 16 minuten in de oven tot ze een mooie goudbruine kleur hebben. Verwijder na het bakken de ringen; voorzichtig, want het deeg is nog zacht. Laat ze afkoelen op de bakplaat.
Voor de dulche de leche: kook de gecondenseerde melk in het dichte blikje circa 3 uur in ruim water. Zorg ervoor dat het blikje onder water blijft, laat de deksel op de pan. Laat het blikje vervolgens afkoelen. Je kunt dit prima een dag eerder doen.
Voor de sinaasappelbavarois: Week de gelatineblaadjes in koud water. Klop de slagroom met 70 gram suiker voor driekwart op. Meng 50 gram suiker met het vruchtensap en verwarm tot ongeveer 50 graden. Knijp de gelatineblaadjes uit en roer ze onder de warme sap. Warm even op als niet alle gelatine opgelost is. Laat afkoelen in de koelkast tot de gelatine begint te binden. Voeg onmiddelijk de slagroom toe wanneer de binding ontstaat. Laat verder opstijven in de koelkast.
Leg de zandtaartbodempjes op een schaal. Verdeel in elk deegbakje een lepeltje dulche de leche. Doe de sinaasappelbavarois in een spuitzak en spuit een mooie toef op elk gebakje. Decoreer met bijvoorbeeld gouden pareltjes.
Bron (zanddeeg en sinaasappelbavarois): ‘Het bakboek’ door Eric van den Hende
Wortelcake met sinaasappelglazuur
Voor vandaag stond een prachtige koningstaart gepland. Een bombe, gevuld met een mousse van dulche de leche en een sinaasappelgelei. Helaas is de taart mislukt… tenminste, zo lijkt het. Morgen kijk ik nog even, wat er uiteindelijk van te maken valt. Misschien wordt het wel een dessert-in-glaasjes. Jammer… hier mislukt ook weleens wat.
Daarom vandaag een recept van deze wortelcake, een paar maanden geleden gemaakt en gegeten. Heerlijk gebak voor bij een kop koffie of thee. Weer een wortelcake, maar net weer een beetje anders. Erg lekker en fris door het sinaasappelglazuur. Je hebt voor de cake een broodvorm van 13 x 23 nodig; ik heb een gewone cakevorm gebruikt, die heeft ongeveer dezelfde maat. Ik heb de cake gedecoreerd met wat geconfijte sinaasappelschil. De cake is volgens de bedenker van het recept ook lekker zonder het glazuur, besmeer de plakken dan met boter.
Een geschikte cake, om voor koningsdag te maken, door de mooie oranje-achtige uitstraling.

Ingrediënten:
Voor de cake:
- 2 eieren
- 1,4 dl plantaartige olie
- 200 gram lichtbruine basterdsuiker
- 300 gram geraspte wortel (geraspt gewogen)
- 100 gram rozijnen
- 75 gram pecan- of walnoten, gehakt
- 180 gram zelfrijzend bakmeel
- snuf zout
- 1/2 tl zuiveringszout
- 1 tl kaneel
- 1/2 tl nootmuskaat
- 1/2 tl koekkruiden
Voor het glazuur:
- 250 gram verse roomkaas
- 50 gram zachte boter
- 1 tl vanille-extract
- 275 gram poedersuiker, gezeefd
- geraspte schil van 1 sinaasappel
Bereiding:
Verwarm de oven voor op 150 graden. Vet de vorm in en bekleed eventueel met bakpapier. Klop de eieren in een mengkom luchtig. Voeg de olie, de basterdsuiker, geraspte wortel, rozijnen en noten toen en meng goed. Zeef de droge ingrediënten boven de kom en roer alles met een houten of metalen lepel door elkaar. Schep het beslag in de vorm, strijk glad en bak 1 – 1,5 uur in de oven, ot een in het midden erin gestoken spies er schoon uitkomt. Laat de cake 5 minuten afkoelen, stort hem dna op een taartrooster. Laat helemaal koud worden.
Klop voor het glazuur de roomkaas en de boter door elkaar. Voeg de vanille, poedersuiker en sinaasappelschil toe en roer alles door elkaar. Het glazuur moet glad en vrij dik zijn. Strijk in een dikke laag over de cake. Als het glazuur te hard wordt, doop je je mes even in heet water. Bij mij was het glazuur wat te vloeibaar; klop dan nog wat boter luchtig en voeg beetje bij beetje het roomkaasmengsel aan de boter toe, klop zo kort mogelijk. Snijd de cake in plakken om te serveren.
Bron: ‘Uit de oven’ door Rachel Allen
Brabantse broeder
Deze maand doe ik mee met de foodblogswap. Een groot aantal foodbloggers schrijft zich hiervoor in; daarna wordt een indeling gemaakt en kook of bak je iets van de foodblog die je toegewezen krijgt. We koken of bakken dus van elkaars blog.
Ik mocht iets maken van de blog van Martine: Duizenden1dag. Zij heeft een kookblog over van alles rondom eten. Omdat ik een blog heb met zoete baksels en desserts, heb ik vooral daar naar gekeken, maar Martine heeft er nog veel meer op staan. Van brood tot dessert, van lunch tot hartige taart, van eenpansmaaltijden tot sinterklaasrecepten. Erg divers dus. Het moeilijke is, dat je niet alle recepten kan uitproberen. Na een poosje zoeken heb ik voor deze Brabantse Broeder gekozen. De naam Brabantse Broeder komt uit de Middeleeuwen, uit de tijd van de gildes. Men maakte een broeder, om de meestertitel te halen of te bewijzen. De broeder was het meesterstuk; wanneer deze werd goedgekeurd, mocht de bakker toetreden aan het gilde. Martine vond het recept op 24Kitchen, waar je ook het filmpje kan bekijken. Dat maakt het maken van de broeder nog makkelijker.
Het maken van de broeder was goed te doen. Niet te moeilijk, niet teveel werk en daarentegen héél lekker van smaak. Een laagje boter erop… en je hebt wat lekkers voor bij de koffie of thee. De broeder is best groot, maar je kan gedeelten in de vriezer bewaren.
Wendy van FoodieMoods bakt deze maand van mijn website.
Ingrediënten:
Voor het deeg:
- 450 gram gewelde rozijnen (ik gebruikte 225 gram gewone, 225 gram blanke rozijnen)
- 365 gram melk
- 14 gram gedroogde gist
- 660 gram bloem
- 12 gram zout
- 70 gram boter
- 2 eieren (1 door het deeg, 1 om te bestrijken)
- 70 gram suiker
Voor de vulling:
- 300 gram amandelschaafsel
- 300 gram suiker
- 1 – 2 tl speculaaskruiden
- 1 eiwit
Bereiding:
Wel de rozijnen een paar uur in koud water. Laat daarna goed uitlekken en dep ze droog. Halveer het vanillestokje in de lengte en schraap het merg eruit. Verhit de melk tot lauwwarm en los de gist erin op (bij mij loste de gist niet goed op, maar heb de klontjes er gewoon doorheen gekneed: dit was geen probleem).
Maal de amandelen met de suiker, speculaaskruiden en eiwit tot amandelspijs (je kan eventueel ook 600 gram kant-en-klare amandelspijs met de speculaaskruiden vermengen).
Verwarm de oven voor op 220 graden. Kluts het ei en bestrijk de Brabantse broeder ermee. Bak de broeder in ca 12 – 20 minuten goudbruin en gaar (bij mij moest de broeder vrij lang; als ik hem nog een keer maak, bak ik hem wel 25 minuten, en bedek de broeder met aluminiumfolie, wanneer hij te donker wordt).
Bron: duizenden1dag.nl
Citroen-monchoutaart
Er heeft zich een probleem voorgedaan. Een luxeprobleem welteverstaan. Samen met Jan Jaap heb ik een cheque van €1000,- (ja, je leest het goed, 3 nullen) gewonnen bij de bakker in ons dorp! Omdat ze 60 jaar bestonden, werden er allerlei acties bedacht. We deden mee met een puzzel-denk-spel. Daarna mochten we meedoen met de finale, dat was een quiz met allerlei vragen over brood bakken, de bakkerij etc. We zijn nog steeds een beetje verbaasd dat wij echt de hoofdprijs gewonnen hebben!
Terug naar het probleem. €1000,- besteden in een jaar; dat is ongeveer €20,- per week. Dat betekent dat we ook lekker gebak gaan kopen! Dat is natuurlijk lastig combineren met mijn hobbie. De komende tijd zal ik dus nog wat meer voor anderen gaan bakken en me misschien wat meer richten op desserts. Want ja, een jaar niet bakken en bloggen, dat gaat ‘em niet worden.
Vandaag een taartje voor de collega’s van mijn zus. Deze monchoutaart is makkelijk, fris en echt heerlijk. Hij wordt gemaakt in een springvorm van 20 cm. Ik heb een vorm van 18 cm gebruikt; dit was te klein, er was nog vulling over. Op zich is dat niet zo’n probleem, maar je kan dus beter een vorm van 20 of zelfs 22 cm gebruiken. De taart is voor 8 – 10 personen.

Ingrediënten:
- 200 gram biscuit (ik gebruik een mengsel van digestive en bastogne)
- 100 gram roomboter, gesmolten
- 1 tl citroenrasp
- 500 gram roomkaas
- 140 gram kristalsuiker
- sap van 1 citroen
- 3 blaadjes gelatine
- 500 ml slagroom
- 2 eiwitten
- 180 gram lemoncurd
Bereiding:
Maal de biscuits fijn in de keukenmachine. Roer de boter en de citroenrasp erdoor. Vet een springvorm van 20 – 22 cm in en bekleed de bodem met bakpapier. Verdeel het kruimelmengsel over de bodem en druk stevig aan. Zet de vorm een half uur in de koelkast.
Klop met de mixer de roomkaas en de kristalsuiker tot een glad mengsel. Week de gelatine in koud water. Verwarm de citroensap. Haal van het vuur en roer de uitgeknepen blaadjes gelatine erdoor. Voeg toe aan het roomkaasmengsel en mix er goed doorheen. Klop de slagroom stijf. Klop in een aparte, vetvrije kom de eiwitten met de mixer stijf. Spatel de room en de eiwitten door het roomkaasmengsel. Schep de helft van dit cheesecakemengsel in de vorm. Lepel de helft van de lemoncurd erop. Maak swirls met een spies. Herhaal met de rest van het mengsel en de andere helft van de lemoncurd. Zet de cheesecake 4 uur of een nacht in de koelkast om op te stijven.
Haal de vorm er pas af, vlak voordat je de taart in stukjes snijdt. Door de lemoncurd gaan de lagen namelijk wat schuiven en loopt er wat lemoncurd uit.
Bron (met een aantal aanpassingen): Delicious, april 2013
Bruidstaart Alfred en Jolien
Voor vandaag stond er weer eens een bruidstaart op het programma. Ik doe dit niet te vaak; het kost namelijk erg veel tijd en vraagt wel wat voorbereiding. Deze taart is, op verzoek van de bruid, gevuld met chipolatabavarois en versierd met echte rozen. Deze rozen zaten ook in het bruidsboeket. Ik heb de rozen kort afgeknipt en de steeltjes strak omwikkeld met huishoudfolie. Onder de rozen heb ik wat folie gelegd; op deze manier komen de rozen niet in direct contact met de taart. De rozen kunnen maximaal twee uur zonder water. Wanneer de taart niet gelijk aangesneden wordt, kan je natte watten onder het huishoudfolie doen, maar dan moet je er goed voor zorgen dat er geen water uit kan lopen.

Bij de bruidstaart hoorden deze cupcakes, voor de kinderen. De cupcakes zijn gevuld met frambozen-room. Cupcakes maak ik niet zo vaak; dit zijn dezelfde, als die ik al eerder heb gemaakt.








